Mijn verhaal & visie
Een zomer die alles veranderde
Op mijn veertiende vertelde ik mijn ouders dat ik wilde werken. Het liefst in het verpleeghuis bij ons in het dorp. Ze gaven me alle ruimte om het zelf te regelen. Helaas bleek ik nog nét te jong en mocht ik pas terugkomen als ik vijftien was. In de zomer van 2008 was het zover: ik begon als vakantiekracht. Wat begon als een bijbaan, groeide uit tot de rode draad in mijn leven. Die zomer leerde me wat zorg écht is: het gaat over mensen, verhalen en verbinding.
Hoe verhalen mijn richting bepaalden
Mijn eerste taken waren overzichtelijk: wandelen met bewoners, koffie schenken en maaltijden verzorgen. Maar het waren vooral de gesprekken die me bijbleven. Die persoonlijke verhalen raakten me en bevestigden wat ik al langer dacht: ik wilde journalist worden.
Eenmaal begonnen aan die opleiding, knaagde er iets. Het klopte net niet. Wat me wél bleef boeien, was de complexiteit van de zorgsector die ik door mijn bijbanen had leren kennen. Ik maakte de overstap naar hbo-verpleegkunde. Niet alleen om de zorg aan het bed te ervaren, maar juist omdat ik voelde dat daar de diepgang lag waar ik naar zocht: het doorgronden van de sector als geheel.
De basis van mijn visie
In de jaren die volgden, had ik uiteenlopende functies; van de huishoudelijke dienst tot verzorgende ig. Ik leerde de zorg door en door en van binnenuit kennen. Keer op keer zag ik hetzelfde patroon: goede zorg begint bij mensen die hun werk met plezier en toewijding kunnen doen.
Maar werkplezier komt niet vanzelf. Ik zag hoe de toenemende complexiteit and regeldruk steeds meer invloed kregen op mijn collega’s. Hun motivatie and werkplezier brokkelden af. Het werd me steeds duidelijker: zonder stevige randvoorwaarden kan zelfs de meest betrokken zorgprofessional niet optimaal functioneren.
Steeds vaker stelde ik mezelf de vraag: hoe kan ik buiten de directe zorgverlening bijdragen aan betere zorg? Die vraag vormde de basis van mijn visie. Ik geloof dat zorgprofessionals pas echt tot hun recht komen als er rust, structuur en vertrouwen is. Duidelijke kaders, werkbare processen en een organisatie die ruimte biedt voor eigen regie. In 2019 kreeg ik de kans om als zorgmanager aan de slag te gaan. Voor mij een logische en welkome stap.
Ruimte voor talent en ontwikkeling
Binnen de zorg zie ik enorm veel potentie and talent. Alleen ontbreekt in de hectiek van alledag vaak de tijd en ruimte om dit écht te ontplooien. Juist dan kan een blik van buitenaf het verschil maken. Als zorgmanager merkte ik dat een coachende leidinggevende stijl heel waardevol is, maar soms schiet het tekort als een specifieke hulpvraag om échte, onverdeelde aandacht vraagt. Op zo’n moment is er behoefte aan gerichte expertise van buitenaf.
Mijn grote voordeel is dat ik de sector door en door ken. De professionals die ik begeleid, verliezen geen kostbare tijd aan het uitleggen van hun werkcontext. Ze kunnen direct de taal van de praktijk spreken.
Naast de misvatting dat coaching pas nodig is als er een probleem is, geloof ik juist het tegenovergestelde: coaching is een krachtig hulpmiddel om een volgende stap te zetten. Om te verbreden, te verdiepen, te reflecteren en in beweging te blijven. Een ontwikkeling die veel verder gaat dan alleen de theorie.
Samen verder bouwen
Ontwikkeling ontstaat altijd in dialoog. Of het nu gaat om het helder krijgen van een organisatievraagstuk, het versterken van een team of jouw eigen professionele groei: ik denk en bouw graag met je mee. Met een nuchtere blik, scherpe vragen en focus op wat wél werkt.
